De dijken breken door

14 jan 2010 23:00

NTR • 4 min

Door een storm in combinatie met springvloed, kunnen de Nederlandse dijken op 1 februari 1953 de zee niet langer tegenhouden. De dijken breken door en een deel van Nederland loopt onder water. Oma was toen 9 jaar en vertelt haar verhaal.

Nederland is een laag land. Zo laag. het westen van Nederland ligt zelfs onder de zeespiegel. Het wordt door dijken en duinen tegen het zeewater beschermd, en dat is maar goed ook. Maar toch kan het mis gaan, zoals in 1953. "Het was dus 1 februari 1953, ik was dus toen net 9 jaar. En het was zaterdagavond, we waren op verjaardagsvisite. En om 12 uur gingen we naar huis en het waaide, nou, het stormde. Mijn vader moest me ook goed vasthouden, anders had ik weggewaaid hoor! We zijn naar bed gegaan en om een uur 2 denk ik werd er op de luiken gebonkt, en: "allemaal uit bed, allemaal naar het dorp, want de dijken breken door!". Het stormt heel hard die nacht, maar dat gebeurt wel vaker in deze tijd van het jaar. Alleen die nacht wakkert de noordwester storm aan tot orkaankracht. Het is ook nog springvloed dus het water stijgt hoger dan normaal. "Mijn vader zei: 'nou, rustig aan, ik ga eerst op het dorp kijken wat er aan de hand is'. Dit is mijn vader. Hij ging zo naar het dorp. Ja, en toen kwam het water eigenlijk er al aan. Dus hij is omgedraaid en direct weer naar huis gekomen en hij kwam thuis, en hij zei: 'allemaal de schuurzolder op, daar zitten we veilig, dat is hoog!'. En ik moest eerst, toen mijn moeder en wanneer mijn zus de trap op ging stond ze al met haar voeten in het water, zó snel kwam dat water. Wij waren hier gaan kijken en je zag zo het water van alle kanten zag je, ja, naar boven komen." De ramp gebeurt in enkele uren. Het water van de zee stroomt over de dijken heen. De zeedijken zijn niet bestand tegen de kracht van de golven en breken door. Het water slaat met enorme kracht tegen de binnendijken en ook die houden het niet. De polders stromen vol. Mensen en dieren proberen te vluchten, maar de dorpen zijn omringd door water. Met bootjes proberen vissers en mensen uit de dorpen te redden wat er te redden valt, maar voor veel mensen komt de hulp te laat. Ze verdrinken in het kolkende water. "Wij moesten dus in de ramen gaan staan, in de vensters, en zwaaien naar de helikopters die overkwamen, dat ze dus konden zien dat er kinderen op die zolder ook waren. En dat deden we dan met zijn vieren. En ja, dat was natuurlijk best wel eng, want het kolkende water ook onder je. Nou, en toen kwamen dus de boten. Boten, ja, twee geloof ik. Dit heeft zoveel impact gemaakt op mijn leven, maar veronderstel, dat je iemand kwijtgeraakt was, ja, dat ik kan me voorstellen, dat je daar nooit meer overheen komt dan." Er worden nog veel mensen gered. Maar voor meer dan 1800 mensen kwam de redding te laat. Zij overleven de ramp niet.